Huwelijksvermogensstelsels Vergelijking
NL-FR stelsels

05/2016


In rood: afwijkend in Nederlands recht, in blauw: afwijkend in Frans recht, in groen: komt overeen

Algehele gemeenschap van goederen, wettelijk stelsel voor 01/01/2018

Wat valt in de gemeenschap

NL

FR

Baten : art 94 Alle goederen die vóór de aanvang van de gemeenschap aan de echtgenoten gezamenlijk toebehoorden, en alle overige goederen van de echtgenoten, door ieder van hen afzonderlijk of door hen tezamen vanaf de aanvang van de gemeenschap tot haar ontbinding verkregen, met uitzondering van:

a.krachtens erfopvolging bij versterf, making, lastbevoordeling of gift verkregen goederen;

b. bepaalde pensioenrechten

c. bepaalde rechten op het vestigen van vruchtgebruik

Baten: Art 1401 Alle goederen van de echtgenoten, door ieder van hen afzonderlijk of door hen tezamen vanaf de aanvang van de gemeenschap verkregen (acquets) tot haar ontbinding, die voortkomen uit hun werk en/of uit vruchten en inkomsten van eigen goederen

 

Vallen er buiten : tijdens het huwelijk krachtens erfopvolging bij versterf, making, lastbevoordeling of gift verkregen goederen

Bestaat tussen echtgenoten een geschil aan wie van hen beiden een goed toebehoort en kan geen van beiden zijn recht op dit goed bewijzen, dan wordt dit goed als gemeenschapsgoed aangemerkt. Het vermoeden werkt niet ten nadele van de schuldeisers van de echtgenoten.

Art 1402 ieder goed, roerend of onroerend wordt geacht een gemeenschapsgoed te zijn, als niet bewezen wordt dat het een eigen goed van één van de echtgenoten is krachtens een wetsbepaling. Als het goed niet uit zichzelf het bewijs of merk van zijn oorsprong draagt, als eigendom van één van de echtgenoten, dient het bewijs schriftelijk te worden vastgesteld als er onenigheid over is. Als dit bewijsstuk er niet is, en de rechter constateert dat de echtgenoot materieel of moreel niet in staat is het bewijs te leven, kan hij alle schriftelijke bewijsstukken in aanmerking nemen, registers, bankafschriften, facturen, en zelfs getuigenissen of veronderstellingen.

Vruchten :      Vruchten van goederen die niet in de gemeenschap vallen, vallen evenmin in de gemeenschap.

 

Vallen in de gemeenschap vruchten van goederen, ten aanzien waarvan bij uiterste wilsbeschikking of bij de gift is bepaald dat zij in de gemeenschap vallen.

Vruchten: De gemeenschap heeft alleen recht op de geinde vruchten die niet geconsumeerd zijn. Maar bij ontbinding van de gemeenschap kan een vergoeding worden gevraagd voor de vruchten die de echtgenoot heeft nagelaten te innen of frauduleus heeft geconsumeerd, over de laatste vijf jaren van de gemeenschap.

Lasten : Alle vóór het bestaan van de gemeenschap ontstane gemeenschappelijke schulden, alle schulden betreffende goederen die reeds vóór de aanvang van de gemeenschap aan de echtgenoten gezamenlijk toebehoorden, en alle tijdens het bestaan van de gemeenschap ontstane schulden van ieder van de echtgenoten, met uitzondering van schulden:

    a. betreffende van de gemeenschap uitgezonderde goederen;

    b. die behoren tot een nalatenschap waartoe een echtgenoot is gerechtigd;

    c. uit door een van de echtgenoten gedane giften, gemaakte bedingen en aangegane omzettingen

 

   

 

Art 1414 de inkomsten en salarissen van een echtgenoot kunnen alleen door de schuldeiser van de andere echtgenoot worden uitgewonnen als het een schuld is die is aangegaan voor de kosten van de huishouding of de opvoeding van de kinderen, krachtens artikel 220

 

Artikel 85

De ene echtgenoot is naast de andere voor het geheel aansprakelijk voor de door deze ten behoeve van de gewone gang van de huishouding aangegane verbintenissen, met inbegrip van die welke voortvloeien uit de door hem als werkgever ten behoeve van de huishouding aangegane arbeidsovereenkomsten.

Lasten: Art 1409 definitief de alimentatie die de echtgenoten schuldig zijn en schulden die door hen aangegaan zijn voor de kosten van de huishouding en de opvoeding van de kinderen, krachtens artikel 220, en de andere door de gemeenschap ontstane schulden, eventueel met vergoeding

 

Eigen goederen

NL

FR

Goederen die voor het huwelijk alleen aan de echtgenoot toebehoorden en tijdens het huwelijk :

a.krachtens erfopvolging bij versterf, making, lastbevoordeling of gift verkregen goederen;

b. bepaalde pensioenrechten

c. bepaalde rechten op het vestigen van vruchtgebruik

Art 1403 Iedere echtgenoot behoudt zijn eigen goederen die buiten de gemeenschap vallen.

Art 1405 Blijven eigen goederen de goederen waarvan de echtgenoot eigenaar was of die hij bezat voor de dag van de huwelijksvoltrekking of tijdens het huwelijk krachtens erfopvolging bij versterf, making, lastbevoordeling of gift verkregen goederen

Buiten de gemeenschap valt hetgeen wordt geïnd op een vordering die buiten de gemeenschap valt, alsmede een vordering tot vergoeding die in de plaats van een eigen goed van een echtgenoot treedt, waaronder begrepen een vordering ter zake van waardevermindering van zulk een goed.

Goederen en schulden die aan een van de echtgenoten op enigerlei bijzondere wijze verknocht zijn, vallen slechts in de gemeenschap voor zover die verknochtheid zich hiertegen niet verzet (bv polisuitkering bedrijfsongeluk één partner, exclusief aan de persoon gebonden)

Art 1404 eigen goederen naar hun aard zijn, zelfs als ze tijdens het huwelijk zijn verworven, persoonlijke kleding en ondergoed, vorderingen tot vergoeding van lichamelijke of morele schade, vorderingen en pensioenen die niet overdraagbaar zijn, en alle goederen met een persoonlijk karakter en rechten die exclusief aan de persoon gebonden zijn.

Zijn tevens eigen goederen, eventueel tegen vergoeding, de werkinstrumenten nodig bij het uitoefenen van het beroep van één van de echtgenoten, behalve als het toebehoort aan een fonds de commerce of een onderneming die deel uitmaakt van de gemeenschap.  

  4 Goederen, alsmede de vruchten van die goederen, ten aanzien waarvan bij uiterste wilsbeschikking of bij de gift is bepaald dat zij buiten de gemeenschap vallen, blijven buiten de gemeenschap, ook al zijn echtgenoten bij huwelijkse voorwaarden overeengekomen dat krachtens erfopvolging bij versterf, making, lastbevoordeling of gift verkregen goederen dan wel de vruchten daarvan in de gemeenschap vallen.

Achtergelaten goederen of goederen door vader, moeder of andere bloedverwanten in opgaande lijn geschonken aan een van de echtgenoten om een eerdere schuld af te betalen of een schuld van de schenker aan vreemden, blijven eigen goederen, eventueel te vergoeden.

Art 1406 Zijn eigen goederen, behalve eventuele vergoeding, de verworven goederen accessoir aan een eigen goed. Hetzelfde geldt voor nieuwe waarden en andere stijgingen van effecten die aan één van de echtgenoten toebehoren (valeurs mobilières).

Een goed dat een echtgenoot anders dan om niet verkrijgt, blijft buiten de gemeenschap indien de tegenprestatie bij de verkrijging van dit goed voor meer dan de helft ten laste komt van zijn eigen vermogen. Voor zover de tegenprestatie ten laste van de gemeenschap komt, is de echtgenoot gehouden tot een vergoeding aan de gemeenschap.

Zijn tevens eigen goederen, door middel van reele subrogatie, de vorderingen en schadevergoedingen die de eigen goederen vervangen, evenals goederen verworven door « emploi et remploi » krachtens artikelen 1434 en 1435.

Art 1407 Het goed verworven in ruil van een eigen goed is een eigen goed met eventuele deelse vergoeding als er een bijbetaling uit de gemeenschap nodig was.

Maar als deze bijbetaling uit de gemeenschap hoger is dan de waarde van het overgedragen goed, valt het verworven goed in de gemeenschap, met vergoeding aan de overdragende partij.

Art 1408 Als één van de echtgenoten deels eigenaar is van een onverdeeld goed en dit deel verkocht wordt, op de veiling of anderszins, is dit geen acquet (goed dat in de gemeenschap valt) Voor zover de tegenprestatie ten laste van de gemeenschap komt, is de echtgenoot gehouden tot een vergoeding aan de gemeenschap.

Artikel 96

    1 Voor een schuld van een echtgenoot kunnen, ongeacht of deze in de gemeenschap is gevallen, zowel de goederen van de gemeenschap als zijn eigen goederen worden uitgewonnen.

    2 Voor een niet in de gemeenschap gevallen schuld van een echtgenoot kunnen de goederen van de gemeenschap niet worden uitgewonnen, indien de andere echtgenoot eigen goederen van eerstgenoemde aanwijst, die voldoende verhaal bieden. Voor een in de gemeenschap gevallen schuld van een echtgenoot kunnen de eigen goederen van deze echtgenoot niet worden uitgewonnen, indien hij goederen van de gemeenschap aanwijst, die voldoende verhaal bieden.

    3 Het verhaal op de goederen van de gemeenschap voor een niet tot de gemeenschap behorende schuld van een echtgenoot is beperkt tot de helft van de opbrengst van het uitgewonnen goed. De andere helft komt dan aan de andere echtgenoot toe en valt uit de gemeenschap.

Lasten: Art 1410 Alle vóór het bestaan van de gemeenschap ontstane schulden van ieder van de echtgenoten of schulden die behoren tot een nalatenschap waartoe een echtgenoot is gerechtigd of giften die tijdens het huwelijk verworven zijn, blijven eigen schulden, zowel voor wat betreft het kapitaal als de verschuldigde bedragen en rente.

Art 1411 Voor een niet in de gemeenschap gevallen schuld van een echtgenoot, kunnen alleen de eigen goederen van de echtgenoot worden uitgewonnen en de inkomsten van de debiteur die in de gemeenschap zijn gevallen.

Kunnen tevens worden uitgewonnen eigen meubels van de debiteur die in de gemeenschap zijn gevallen en niet geïdentificeerd kunnen worden krachtens artikel 1402.

Art 1413 Voor een schuld van iedere echtgenoot die niet in de gemeenschap is gevallen, kunnen de goederen van de gemeenschap worden uitgewonnen, behalve in geval van fraude van de echtgenoot debiteur en kwade trouw van de schuldeiser, met eventueel vergoeding aan de gemeenschap.

 

Vergoeding aan de gemeenschap

Indien een onderneming buiten de gemeenschap valt, komt ten bate van de gemeenschap een redelijke vergoeding voor de kennis, vaardigheden en arbeid die een echtgenoot ten behoeve van die onderneming heeft aangewend, voor zover een dergelijke vergoeding niet al op andere wijze ten bate van beide echtgenoten komt of is gekomen.

Art 1412 De echtgenoot wiens niet in de gemeenschap gevallen schuld uit goederen van de gemeenschap is voldaan, is gehouden tot vergoeding aan de gemeenschap. 

 

De echtgenoot wiens niet in de gemeenschap gevallen schuld uit goederen van de gemeenschap is voldaan, is deswege gehouden tot vergoeding aan de gemeenschap.

Art 1416 als de gemeenschap een schuld heeft betaald die uitgewonnen kon worden krachtens de vorige artikelen, is een vergoeding vereist, elke keer dat het contract overeengekomen was in het persoonlijke belang van een van de echtgenoten, en voor het verwerven, bewaren of verbeteren van een eigen goed.

Art 1417 De gemeenschap heeft recht op vergoeding, met vermindering van eventueel daaruit getrokken voordelen, als er boetes zijn betaald door een van de echtgenoten voor strafbare feiten, of schadevergoeding en proceskosten zijn betaald als een van de echtgenoten was veroordeeld voor burgerrechtelijke vergrijpen

Zij heeft ook recht op vergoeding als de schuld die zij betaald heeft was aangegaan door één van de echtgenoten in strijd met de huwelijkse verplichtingen

Indien een echtgenoot door een begunstiging bij een door zijn overlijden tot uitkering komende sommenverzekering een gift aan een derde heeft gedaan en ten laste van de gemeenschap premies voor die verzekering zijn gekomen, is de echtgenoot deswege gehouden tot vergoeding aan de gemeenschap. De vergoeding beloopt een gedeelte van de waarde van de uitkering, evenredig aan het uit de gemeenschap afkomstige aandeel in de premies.

(levensverzekering)

Art 1407 Het goed verworven in ruil van een eigen goed is een eigen goed met eventuele deelse vergoeding als er een bijbetaling uit de gemeenschap nodig was.

Maar als deze bijbetaling uit de gemeenschap hoger is dan de waarde van het overgedragen goed, valt het verworven goed in de gemeenschap, met vergoeding aan de overdragende partij.

Art 1408 Als één van de echtgenoten deels eigenaar is van een onverdeeld goed en dit deel verkocht wordt, op de veiling of anderszins, is dit geen acquet (goed dat in de gemeenschap valt) Voor zover de tegenprestatie ten laste van de gemeenschap komt, is de echtgenoot gehouden tot een vergoeding aan de gemeenschap.

 

Vergoeding aan de andere echtgenoot

Artikel 95 lid 2 Indien een goed tot de gemeenschap gaat behoren en een echtgenoot bij de verkrijging uit zijn eigen vermogen aan de tegenprestatie heeft bijgedragen, komt deze echtgenoot een vergoedingsvordering toe, waarvan het beloop overeenkomstig artikel 87, tweede en derde lid, wordt bepaald.

 

 Artikel 87

    1 Indien een echtgenoot ten laste van het vermogen van de andere echtgenoot een goed dat tot zijn eigen vermogen zal behoren, verkrijgt of indien ten laste van het vermogen van de andere echtgenoot een schuld ter zake van een tot zijn eigen vermogen behorend goed wordt voldaan of afgelost, ontstaat voor de eerstgenoemde echtgenoot een plicht tot vergoeding.

    2 De vergoeding beloopt een gedeelte van de waarde van het goed op het tijdstip waarop de vergoeding wordt voldaan. Dit gedeelte:

        a. is in het geval van een verkrijging ten laste van het vermogen van de andere echtgenoot evenredig aan het uit diens vermogen afkomstige aandeel in de tegenprestatie voor het goed;

        b. komt in het geval van een voldoening of aflossing ten laste van het vermogen van de andere echtgenoot overeen met de verhouding tussen het uit diens vermogen voldane of afgeloste bedrag ten opzichte van de waarde van het goed op het tijdstip van die voldoening of aflossing.

    3 Ten aanzien van de vergoeding gelden voorts de volgende regels:

        a. tenzij de echtgenoot het vermogen van de andere echtgenoot met diens toestemming heeft aangewend op de wijze als bedoeld in het eerste lid, beloopt de vergoeding ten minste het nominale bedrag dat ten laste van het vermogen van de andere echtgenoot is gekomen;

        b. ter zake van goederen die naar hun aard bestemd zijn om te worden verbruikt, beloopt de vergoeding steeds het nominale bedrag dat ten laste van het vermogen van de andere echtgenoot is gekomen;

        c. ter zake van goederen die inmiddels zijn vervreemd zonder dat daarvoor andere goederen in de plaats zijn gekomen, wordt in plaats van de waarde, bedoeld in de aanhef van het tweede lid, uitgegaan van de waarde ten tijde van de vervreemding. Met een vervreemding wordt gelijkgesteld het onherroepelijk worden van een begunstiging bij een sommenverzekering of een andere begunstiging bij een beding ten behoeve van een derde.

    4 Echtgenoten kunnen bij overeenkomst afwijken van het eerste lid tot en met het derde lid. Geen vergoeding is verschuldigd voorzover door de verkrijging, voldoening of aflossing ten laste van het vermogen van de andere echtgenoot wordt voldaan aan een op die echtgenoot rustende verbintenis.

    5 Kan de vergoeding overeenkomstig het eerste tot en met het vierde lid niet nauwkeurig worden vastgesteld, dan wordt zij geschat. 

 

 

Bestuur van de gemeenschap

Artikel 97  1 Een goed dat op naam van een echtgenoot staat of dat hij krachtens erfopvolging bij versterf, making, lastbevoordeling of gift heeft verkregen, staat onder diens bestuur. Voor het overige is ieder der echtgenoten bevoegd tot het bestuur over de goederen van de gemeenschap.

Art 1421 Iedere echtgenoot bestuurt en beschikt over zijn eigen goederen, behalve als hij in het bestuur fouten heeft gemaakt. Handelingen die zonder fraude zijn uitgevoerd, kunnen de andere echtgenoot tegengeworpen worden.

De echtgenoot die een verschillend beroep uitoefent, heeft alleen de bevoegdheid administratieve en beschikkingshandelingen uit te voeren met betrekking tot dit beroep.

    2 Is een goed der gemeenschap met toestemming, verleend door de echtgenoot onder wiens bestuur dat goed alleen of mede stond, dienstbaar aan een beroep of bedrijf van de andere echtgenoot, dan berust het bestuur van dat goed, voor zover het handelingen betreft die als normale uitoefening van dat beroep of bedrijf zijn te beschouwen, uitsluitend bij laatstbedoelde echtgenoot en voor het overige bij de echtgenoten gezamenlijk. Een verleende toestemming geldt voor de gehele duur van het beroep of bedrijf, tenzij de echtgenoten anders overeenkomen, doch de rechtbank kan de dienstbaarheid op verzoek van een echtgenoot te allen tijde wegens gegronde redenen beëindigen.

    3 Geschillen tussen de echtgenoten over het bestuur ten aanzien van tot de gemeenschap behorende goederen, kunnen op verzoek van de echtgenoten of van een van hen aan de rechtbank worden voorgelegd.

 

Artikel 86

    1 De rechtbank kan, wanneer daartoe gegronde redenen bestaan, op verzoek van een echtgenoot bepalen dat deze niet aansprakelijk zal zijn voor de door de andere echtgenoot in het vervolg aangegane verbintenissen als bedoeld in het vorige artikel.

    2 Een overeenkomstig dit artikel gegeven rechterlijke beschikking kan bij veranderde omstandigheden op gelijke wijze als zij is tot stand gekomen, worden gewijzigd of opgeheven.

    3 De beschikking kan aan derden die van haar bestaan onkundig waren, slechts worden tegengeworpen, indien zij ingeschreven was in het huwelijksgoederenregister, aangewezen in artikel 116 van dit boek, en na de inschrijving veertien dagen waren verlopen.

    4 In de beschikking kan worden bepaald dat zij bovendien moet worden bekend gemaakt in een of meer door de rechter aangewezen dagbladen. In dat geval werkt de beschikking ten nadele van derden die daarvan onkundig waren, ook niet vóór deze bekendmaking.

 

Artikel 88

    1 Een echtgenoot behoeft de toestemming van de andere echtgenoot voor de volgende rechtshandelingen:

        a. overeenkomsten strekkende tot vervreemding, bezwaring of ingebruikgeving en rechtshandelingen strekkende tot beëindiging van het gebruik van een door de echtgenoten tezamen of door de andere echtgenoot alleen bewoonde woning of van zaken die bij een zodanige woning of tot de inboedel daarvan behoren;

        b. giften, met uitzondering van de gebruikelijke, niet bovenmatige;

        c. overeenkomsten die ertoe strekken dat hij, anders dan in de normale uitoefening van zijn beroep of bedrijf, zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt, of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van de derde verbindt;

        d. overeenkomsten van goederenkrediet als bedoeld in artikel 84 van Boek 7, behalve indien zij zaken betreffen die kennelijk uitsluitend of hoofdzakelijk ten behoeve van de normale uitoefening van zijn beroep of bedrijf strekken.

    2 De echtgenoot behoeft de toestemming niet, indien hij tot het verrichten der rechtshandeling is verplicht op grond van de wet of op grond van een voorafgaande rechtshandeling waarvoor die toestemming is verleend of niet was vereist.

    3 De toestemming moet schriftelijk of langs elektronische weg worden verleend, indien de wet voor het verrichten van de rechtshandeling een vorm voorschrijft.

    4 In afwijking van lid 1, onder b, is geen toestemming vereist voor giften welke de strekking hebben dat zij pas zullen worden uitgevoerd na het overlijden van degene die de gift doet, en niet reeds tijdens diens leven worden uitgevoerd. Bestaat de gift in de aanwijzing van een begunstigde bij een sommenverzekering die tijdens het leven van de verzekeringnemer is aanvaard of kan worden aanvaard, dan is daarvoor wel toestemming vereist.

    5 Toestemming voor een rechtshandeling als bedoeld in lid 1 onder c, is niet vereist, indien zij wordt verricht door een bestuurder van een naamloze vennootschap of van een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid, die daarvan alleen of met zijn medebestuurders de meerderheid der aandelen houdt en mits zij geschiedt ten behoeve van de normale uitoefening van het bedrijf van die vennootschap.

    6 Indien de andere echtgenoot door afwezigheid of een andere oorzaak in de onmogelijkheid verkeert zijn wil te verklaren of zijn toestemming niet verleent, kan de beslissing van de rechtbank worden ingeroepen.

 

Artikel 89

    1 Een rechtshandeling die een echtgenoot in strijd met het vorige artikel heeft verricht, is vernietigbaar; slechts de andere echtgenoot kan een beroep op de vernietigingsgrond doen.

    2 Het vorige lid geldt niet voor een andere handeling dan een gift, indien de wederpartij te goeder trouw was.

    3 Het einde van het huwelijk en scheiding van tafel en bed hebben geen invloed op de bevoegdheid om ter vernietiging van een rechtshandeling van een echtgenoot een beroep op de vernietigingsgrond te doen, die voordien was ontstaan. Indien de andere echtgenoot dientengevolge schuldenaar uit die rechtshandeling wordt, geldt artikel 51 lid 3 van Boek 3 voor hem slechts, zolang de termijn van artikel 52 lid 1 van Boek 3 niet is verstreken.

    4 De verklaring of rechtsvordering tot vernietiging behoeft in afwijking van de artikelen 50 lid 1 en 51 lid 2 van Boek 3 niet mede te worden gericht tot de echtgenoot die de handeling heeft verricht.

    5 De echtgenoot die een beroep op de vernietigingsgrond heeft gedaan, kan tevens alle uit de nietigheid voortvloeiende rechtsvorderingen instellen.

 

Art 1424 de echtgenoten kunnen niet zonder elkaar onroerend goederen, fond de commerce en bedrijven die binnen de gemeenschap vallen overdragen of belasten met een zakelijk recht (droit réel), dit geldt ook voor onoverdraagbare aandeelhoudersrechten en roerend goederen waarvan overdracht aan openbaarmaking onderhevig is. Ze kunnen zonder de andere echtgenoot, geen tegenprestatie ontvangen uit deze transacties of een goed van de gemeenschap overhevelen naar een trustfonds.

 

Art 1425 De echtgenoten kunnen niet zonder elkaar een landbouw onderneming of een onroerend goed dat gebruikt wordt voor commerciele industriele of artisanale doeleinden verhuren die deel uitmaken van de gemeenschap.

 

Art 1426 als een van de echtgenoten voor langere tijd niet in staat is zijn wil kenbaar te maken of als zijn bestuur van de gemeenschap laat zien dat hij hiertoe niet in staat is of fraudeert, kan de andere echtgenoot aan de rechtbank vragen om in zijn plaats de gemeenschap te besturen. De bepalingen van artikelen 1445 tot 1447 zijn van overeenkomstige toepassing.

De echtgenoot, benomen van zijn bevoegdheden, kan de rechtbank verzoeken, hem deze bevoegdheden weer terug te geven. Hij dient hierbij de bewijzen dat de vertegenwoordiging niet meer nodig is. 

 

 

 

 

 

Art 1427 Als een van de echtgenoten zijn bevoegdheden over de gemeenschappelijke goederen overschrijdt, kan de ander, behalve als hij de akte heeft bekrachtigd /getekend, verzoeken om nietigverklaring van deze akte.

Dit verzoek is mogelijk voor de andere echtgenoot, tijdens de twee jaar nadat hij kennis heeft genomen van de akte, en kan nooit meer dan twee jaar na ontbinding van de gemeenschap plaats vinden.

 

Art 1422 de echtgenoten kunnen niet zonder elkaar een schenking doen over goederen uit de gemeenschap of één van deze goederen als onderpand voor de schuld van een derde gebruiken 

 

Art 1423 Een legaat door één van de echtgenoten toegekend, kan niet meer dan zijn deel in de gemeenschap betreffen.

Als een echtgenoot een goed toebehorend aan de gemeenschap nalaat, kan de legataris dit goed in natura alleen opeisen als het in de nagelaten goederen van de erflater valt op het moment van de verdeling.

 

 

 

Article 220  Chacun des époux a pouvoir pour passer seul les contrats qui ont pour objet l'entretien du ménage ou l'éducation des enfants : toute dette ainsi contractée par l'un oblige l'autre solidairement.

 

La solidarité n'a pas lieu, néanmoins, pour des dépenses manifestement excessives, eu égard au train de vie du ménage, à l'utilité ou à l'inutilité de l'opération, à la bonne ou mauvaise foi du tiers contractant.

 

Elle n'a pas lieu non plus, s'ils n'ont été conclus du consentement des deux époux, pour les achats à tempérament ni pour les emprunts à moins que ces derniers ne portent sur des sommes modestes nécessaires aux besoins de la vie courante et que le montant cumulé de ces sommes, en cas de pluralité d'emprunts, ne soit pas manifestement excessif eu égard au train de vie du ménage.

 

 

 

 

 

 

 

 

Art 1415 Iedere echtgenoot kan alleen zijn eigen goederen en inkomsten inzetten voor een zekerheidstelling of een lening, behalve als dezen overeengekomen zijn met de uitdrukkelijke toestemming van de andere echtgenoot, die in dat geval alleen zijn eigen goederen inzet.

 

 

Ontbinding van de gemeenschap

Artikel 99

    1 De gemeenschap wordt van rechtswege ontbonden:

        a. in geval van het eindigen van het huwelijk of het gp door overlijden: op het tijdstip van overlijden;

        b. in geval van beëindiging van het huwelijk door echtscheiding of ontbinding van het GP door de rechter: op het tijdstip van indiening van het verzoek         c. in geval van scheiding van tafel en bed: op het tijdstip van indiening van het verzoek   d. in geval van opheffing van de gemeenschap door een beschikking: op het tijdstip van indiening van het verzoek

        e. in geval van beëindiging van het geregistreerd partnerschap met wederzijds goedvinden: op het tijdstip waarop de overeenkomst tot beëindiging wordt gesloten;

        f. in geval van vermissing en een daarop gevolgd huwelijk of GP: op het tijdstip waarop de beschikking, bedoeld in artikel 417, eerste lid, in kracht van gewijsde is gegaan;

        g. in geval van opheffing bij latere huwelijkse voorwaarden: op het tijdstip, bedoeld in artikel 120, eerste lid.

 

De ontbinding van de gemeenschap, alsmede door sluiting van een overeenkomst, kan aan derden die daarvan onkundig waren slechts worden tegengeworpen, indien het desbetreffende verzoek dan wel de overeenkomst ingeschreven was in het huwelijksgoederenregister, bedoeld in artikel 116.

Art 1441 de gemeenschap wordt ontbonden door :

-          Het overlijden van één van de echtgenoten

-          De verklaring van verdwijning (absence)

-          Scheiding

-          Scheiding van tafel en bed

-          Scheiding van goederen

-          Verandering van huwelijksvermogensstelsel

De één of de andere echtgenoot kan zo nodig vragen of in de wederzijdse betrekkingen de gevolgen van de ontbinding van de gemeenschap kunnen worden uitgesteld tot dat zij niet meer samenwonen en samenwerken.

 

Art 1443 als door slecht beheer, slechte administratie of slecht gedrag van één van de echtgenoten lijkt dat de handhaving van de gemeenschap de belangen van de andere echtgenoot kan schaden, kan deze bij de rechtbank verzoeken om scheiding van goederen.

Iedere vrijwillige scheiding van goederen is nietig.

Art 1444 de scheiding van goederen, zelfs uitgesproken door de rechtbank, is nietig, als het verzoek tot liquidatie van de rechten van de partijen drie maanden nadat de uitspraak van inleiding van de procedure in kracht van gewijsde is gegaan, nog niet zijn begonnen en als de definitieve afwikkeling van de liquidatie niet binnen het jaar na de uitspraak afgerond is. De termijn van een jaar kan op verzoek verlengd worden in een kortgeding.

Art 1445 het verzoek en de beschikking van scheiding van goederen moeten openbaar gemaakt worden volgens de voorschriften van de code de procedure civile. De uitspraak werkt vanaf het moment waarop het verzoek is ingediend. Het wordt in de marge van de huwelijksakte en op de minuut van het huwelijkscontract genoteerd.  

Artikel 100

    1 De echtgenoten hebben een gelijk aandeel in de ontbonden gemeenschap, tenzij anders is bepaald bij huwelijkse voorwaarden of bij een overeenkomst die tussen de echtgenoten bij geschrift is gesloten met het oog op de aanstaande ontbinding der gemeenschap anders dan door de dood of ten gevolge van opheffing bij huwelijkse voorwaarden.

    2 Voor zover bij de ontbinding van de gemeenschap de goederen van de gemeenschap niet toereikend zijn om de schulden van de gemeenschap te voldoen, worden deze gedragen door beide echtgenoten ieder voor een gelijk deel, tenzij uit de eisen van redelijkheid en billijkheid, mede in verband met de aard van de schulden, een andere draagplicht voortvloeit.

    3 Zij die bij de ontbinding van de gemeenschap schuldeiser zijn, behouden het hun toekomende recht van verhaal op de goederen der gemeenschap, zolang deze niet verdeeld zijn. Artikel 96, derde lid, blijft van toepassing.

 

Art 1467 de gemeenschap moet ontbonden worden ; iedere echtgenoot neemt zijn goederen terug die niet in de gemeenschap gevallen waren, of de goederen die daarvoor in de plaats waren gekomen. Daarna moet de gemeenschappelijke massa ontbonden worden, de activa en de passiva.

Aer 1468 voor iedere echtgenoot wordt een rekening opgesteld met vergoedingen die de gemeenschap hem tegoed is en de vergoedingen die hij aan de gemeenschap dient te betalen

 

Art 1446 De schuldeisers van één van de echtgenoten kunnen geen verzoek indienen in zijn plaats tot scheiding van goederen 

Art 1447 als het verzoek tot scheiding van goederen ingediend is, kunnen de schuldeisers van de echtgenoot via hun advocaat aan de advocaat van de echtgenoot vragen om de stukken in te zien. Ze kunnen zelfs partij zijn in het proces om hun rechten te doen gelden.

Als de scheiding van goederen uitgesproken is zonder rekening te houden met hun rechten, kunnen ze in hoger beroep gaan via derdenverzet

 

Artikel 101 Na de ontbinding der gemeenschap heeft ieder der echtgenoten de bevoegdheid de te zijnen gebruike strekkende kleren en kleinodiën, alsmede zijn beroeps- en bedrijfsmiddelen en de papieren en gedenkstukken tot zijn familie behorende, tegen de geschatte prijs over te nemen.

 

Artikel 102  Na ontbinding van de gemeenschap blijft ieder der echtgenoten voor het geheel aansprakelijk voor de gemeenschapsschulden waarvoor hij voordien aansprakelijk was. Voor andere gemeenschapsschulden is hij hoofdelijk met de andere echtgenoot verbonden,  kan daarvoor slechts worden uitgewonnen hetgeen hij uit hoofde van verdeling van de gemeenschap heeft verkregen, onverminderd de artikelen 190, eerste lid, en 191, eerste lid, van Boek 3.

 

Maar dit geldt alleen voor externe schuldeisers. De ex-echtgenoot kan een (regres) vordering doen op de andere echtgenoot voor een eigen schuld die hij voor meer dan de helft afgelost heeft (schulden waarvoor de andere echtgenoot tijdens het huwelijk niet aansprakelijk was). Om dit te vermijden kan de andere echtgenoot afstand doen van de gemeenschap.

Artikel 103

    1 Ieder der echtgenoten heeft het recht van de gemeenschap afstand te doen (binnen drie maanden na ontbinding van de gemeenschap, op het moment van indienen van het verzoek)

    2 Het deel der gemeenschap waarvan afstand wordt gedaan, wast aan bij het deel van de andere echtgenoot.

    3 De echtgenoot die afstand heeft gedaan, kan uit de gemeenschap niets terugvorderen dan alleen zijn bed met bijbehorend beddegoed en de kleren die hij voor zijn persoonlijk gebruik nodig heeft. Hij kan de papieren en gedenkstukken, tot zijn familie behorende, tegen de geschatte prijs overnemen.

    4 Door deze afstand wordt hij ontheven van de aansprakelijkheid en de draagplicht voor schulden der gemeenschap, waarvoor hij vóór de ontbinding der gemeenschap niet aansprakelijk was.

 

    5 Hij blijft aansprakelijk voor de schulden der gemeenschap, waarvoor hij vóór de ontbinding der gemeenschap aansprakelijk was. Indien hij een schuld, waarvoor beide echtgenoten vóór de ontbinding der gemeenschap voor het geheel aansprakelijk waren, voor meer dan de helft heeft voldaan, heeft hij voor het meerdere verhaal tegen de andere echtgenoot.

 

    6 Indien de andere echtgenoot een schuld der gemeenschap, waarvoor hij vóór de ontbinding der gemeenschap niet aansprakelijk was, geheel of ten dele heeft voldaan, heeft hij deswege verhaal tegen de echtgenoot die de afstand heeft gedaan. Heeft hij een schuld, waarvoor beide echtgenoten vóór de ontbinding der gemeenschap voor het geheel aansprakelijk waren, voor meer dan de helft voldaan, dan heeft hij voor het meerdere verhaal tegen de echtgenoot die de afstand heeft gedaan.

 

Artikel 104

    1 De echtgenoot die van het bij het vorige artikel omschreven voorrecht wil gebruik maken, is verplicht binnen drie maanden na de ontbinding der gemeenschap een akte van afstand te doen inschrijven in het huwelijksgoederenregister, aangewezen in artikel 116 van dit boek, op verbeurte van dit voorrecht.

 

    2 Indien de gemeenschap door de dood van de andere echtgenoot wordt ontbonden, begint de termijn van drie maanden te lopen op de dag waarop de echtgenoot die van het voorrecht wil gebruik maken, van dat overlijden kennis heeft genomen. Indien de gemeenschap is ontbonden op de wijze als bedoeld in artikel 99, eerste lid, onder c en d, eindigt de termijn drie maanden nadat het verzoek tot opheffing van de gemeenschap of tot scheiding van tafel en bed bij de rechtbank is ingediend.

 

Art 1471 de heffingen geschieden eerst in geld, dan in roerend goederen en ten laatste in onroerend goederen van de gemeenschap. De echtgenoot die goederen uit de gemeenschap kan halen, mag deze zelf uitkiezen, maar dient rekening te houden met rechten die de andere echtgenoot heeft om gezamenlijk eigenaar van een goed te blijven (onverdeeld bezit) of voorkeursrecht bij toekenning van bepaalde goederen.

Als de echtgenoten hetzelfde goed kiezen, wordt geloot.

Art 1472 als er niet genoeg goederen in de gemeenschap zijn, worden de goederen verdeeld in verhouding tot de vergoeding waarop iedere echtgenoot recht heeft.

Maar als de gemeenschap niet toereikend is door de fout van één van de echtgenoten, kan de andere echtgenoot zijn vergoeding uit de gemeenschap halen en subsidiair uit de eigen goederen van de andere echtgenoot.

Art 1473 de vergoedingen die de gemeenschap schuldig is, zijn onderhevig aan rente vanaf het moment van ontbinding.

Als de vergoeding gelijk staat aan de overgebleven winst, begint de rente te lopen vanaf de dag van de vereffening.

Art 1474 de heffingen uit gemeenschappelijke goederen staan gelijk aan een verdeling. De echtgenoten hebben hierin geen voorrangspositie tov de schuldeisers van de gemeenschap, behalve in geval van wettelijke hypotheek tussen de echtgenoten, als deze ingeschreven is.

 

Art 1482 iedere echtgenoot kan voor de totaliteit van de bestaande schulden op de dag van de ontbinding aangeklaagd worden, die door zijn toedoen in de gemeenschap zijn gevallen.

Art 1483 iedere echtgenoot kan maar voor de helft van de schulden aangeklaagd worden, die door toedoen van de andere echtgenoot in de gemeenschap zijn gevallen

Na de verdeling en behalve in geval van heling, kan hij maar ten hoogte van zijn émolument (deel van de gemeenschap dat hem toegekomen is) worden verplicht, mits er een inventaris is opgemaakt en hij hierdoor kan aantonen wat hij toebedeeld heeft gekregen en welk deel van de gemeenschappelijke schulden reeds afgelost zijn.

Art 1484 de inventaris voorzien in het vorige artikel moet volgens de regels van de code de procedure civile opgemaakt worden, contradictoir met de andere echtgenoot die in ieder geval regulier moet zijn opgeroepen om over en weer opmerkingen te kunnen maken. De inventaris moet negen maanden na de dag van ontbinding van de gemeenschap afgesloten zijn, behalve als de rechtbank in een kortgeding verlenging heeft toegekend. Hij moet eerlijk en echt verklaard zijn door de overheidsfunctionaris die erbij aanwezig was.

Art 1485 iedere echtgenoot betaalt de helft van de schulden van de gemeenschap waar hij geen vergoeding voor hoefde te betalen, evenals de kosten van verzegeling, inventaris, verkoop van meubilair, vereffening, verkoop bij opbod en verdeling.

Hij betaalt alleen de schulden die alleen maar gemeenschappelijk waren geworden omdat hij een vergoeding moest betalen.

Art 1486 de echtgenoot die recht heeft op het voordeel van artikel 1483, tweede alinea, hoeft niet meer dan zijn émolument te betalen voor schulden die door toedoen van de andere echtgenoot in de gemeenschap waren gevallen behalve als het schulden waren waarvoor hij een vergoeding had moeten krijgen.

Art 1487 de echtgenoot die meer heeft betaald dan wat hij had moeten betalen krachtens de vorige artikelen, heeft voor het teveel betaalde een vordering op de andere echtgenoot.

Art 1488 hij heeft voor het teveel betaalde geen vordering op de schuldeiser, behalve als op de kwitantie staat dat hij maar binnen de limiet van zijn verplichtingen zal betalen.

Art 1489 degene van de echtgenoten die een onroerend goed heeft toebedeeld gekregen waarop een hypotheek staat voor een schuld van de gemeenschap heeft op de andere echtgenoot een vordering voor de helft van dit bedrag

Art 1490 de bepalingen van de vorige artikelen sluiten niet uit dat een verdelingsclausule, onverminderd de rechten van derden, de ene of de andere echtgenoot verplicht om een hoger quotum van de schuld betaalt dan het hierboven bepaalde quotum of zelf om alle schulden te betalen.

Art 1491 de erfgenamen van de echtgenoot hebben in geval van ontbinding dezelfde rechten en plichten als de echtgenoot die ze vertegenwoordigen.

 

Opstellen huwelijkse voorwaarden en verandering huwelijksvermogensstelsel

 

Artikel 93

Bij huwelijkse voorwaarden kan uitdrukkelijk of door de aard der bedingen worden afgeweken van bepalingen van deze titel, behalve voor zover bepalingen zich uitdrukkelijk of naar hun aard tegen afwijking verzetten.

Art 1387 De wet bepaalt alleen hoe het bestuur van de goederen tussen de echtgenoten georganiseerd wordt, als hier niet van afgeweken is door middel van huwelijkse voorwaarden, die door de echtgenoten zelf bepaald kunnen worden, maar niet in strijd mogen zijn met de goede zeden of met de navolgende bepalingen.

Artikel 121

 

    1 Partijen kunnen bij huwelijkse voorwaarden afwijken van de regels der wettelijke gemeenschap, mits die voorwaarden niet met dwingende wetsbepalingen, de goede zeden, of de openbare orde strijden.

 

    2 Zij kunnen niet bepalen dat een hunner tot een groter aandeel in de schulden zal zijn gehouden, dan zijn aandeel in de goederen der gemeenschap beloopt.

 

    3 Zij kunnen niet afwijken van de rechten die uit het ouderlijk gezag voortspruiten, noch van de rechten die de wet aan een langstlevende echtgenoot toekent.

 

Art 1387-1 Als de scheiding is uitgesproken, en schulden of zekerheden ziin aangegaan door de echtgenoten, gezamenlijk of apart, ten behoeve van het voeren van een onderneming, kan het tribunaal bepalen dat de lasten hiervan uitsluitend door de echtgenoot worden gedragen die het bedrijfsvermogen behoudt of de beroepskwalificatie die ten grondslag aan het bedrijf lag bezit.

Art 1388 De echtgenoten kunnen niet afwijken van de plichten en rechten die voor hen uit het huwelijk voortvloeien, noch van de rechten die uit het ouderlijk gezag voortspruiten, uit het wettelijke beheer van de goederen van hun kinderen en uit de voogdij.

Art 1389 Onverlet de schenkingen die volgens de in dit boek gestelde regels gedaan kunnen worden, kunnen de echtgenoten geen overeenkomsten aangaan die tot doel hebben de wettelijke verdeling van de erfenis te veranderen.

Art 1390 Zij kunnen wel bepalen, dat op het moment van ontbinding van het huwelijk door het overlijden van de echtgenoten, de overlevende echtgenoot de mogelijkheid heeft bepaalde persoonlijke goederen van de overledene te verwerven of toebedeeld te krijgen bij de verdeling van de nalatenschap, rekening houdend met de waarde van deze goederen op het moment waarop deze bevoegdheid wordt uitgeoefend.

 

Artikel 114

Huwelijkse voorwaarden kunnen zowel door aanstaande echtgenoten vóór het sluiten van het huwelijk als door echtgenoten tijdens het huwelijk worden gemaakt.

 

Artikel 115

    1 Huwelijkse voorwaarden moeten op straffe van nietigheid bij notariële akte worden aangegaan.

 

    2 Een volmacht tot het aangaan van huwelijkse voorwaarden moet schriftelijk worden verleend en moet de in de huwelijkse voorwaarden op te nemen bepalingen bevatten.

 

Artikel 116

 

    1 Bepalingen in huwelijkse voorwaarden kunnen aan derden die daarvan onkundig waren, slechts worden tegengeworpen, indien die bepalingen ingeschreven waren in het openbaar huwelijksgoederenregister, gehouden ter griffie der rechtbank binnen welker rechtsgebied het huwelijk is voltrokken, of, indien het huwelijk buiten Nederland is aangegaan, ter griffie van de rechtbank Den Haag. 

 

Artikel 117

    1 Huwelijkse voorwaarden vóór het huwelijk gemaakt of gewijzigd, zijn slechts geldig, indien zij wier toestemming tot het huwelijk noodzakelijk is, bij de akte hun toestemming tot de huwelijkse voorwaarden of de wijziging hebben gegeven; is de toestemming van de rechter nodig, dan kan worden volstaan met vasthechting van zijn beschikking aan de minuut van de akte. Op het verzoek tot toestemming van de rechter is artikel 39 lid 1 van dit boek van overeenkomstige toepassing.

 

    2 Vóór het huwelijk gemaakte huwelijkse voorwaarden beginnen te werken van het tijdstip der voltrekking van het huwelijk; geen ander tijdstip kan daarvoor worden aangewezen.

 

Artikel 118

De echtgenoot die onder curatele staat, kan na de huwelijksvoltrekking slechts met toestemming van zijn curator huwelijkse voorwaarden maken of wijzigen.

 

 

Artikel 120

    1 Tijdens het huwelijk gemaakte of gewijzigde huwelijkse voorwaarden beginnen te werken op de dag, volgende op die waarop de akte is verleden, tenzij in de akte een later tijdstip is aangewezen.

 

    2 Bepalingen in deze huwelijkse voorwaarden kunnen aan derden die daarvan onkundig waren, slechts worden tegengeworpen, indien zij ten minste veertien dagen in het huwelijksgoederenregister ingeschreven waren.

 

 

Paragraaf 1. Algemene regels voor verrekenbedingen

Artikel 132

    1 Deze afdeling is van toepassing op huwelijkse voorwaarden die een of meer verplichtingen inhouden tot verrekening van inkomsten of van vermogen.

    2 Tenzij anders is bepaald, kan van deze afdeling bij huwelijkse voorwaarden uitdrukkelijk of door de aard der bedingen worden afgeweken.

 

Artikel 133 e.v.

   

Artikel 138

    1 De ene echtgenoot is aan de andere geen verantwoording over het bestuur van zijn goederen schuldig. Slecht bestuur over die goederen verplicht niet tot schadevergoeding.

    2 De ene echtgenoot kan jaarlijks van de andere echtgenoot een gespecificeerde, schriftelijke en ondertekende opgave verzoeken van de te verrekenen inkomsten en van het te verrekenen vermogen. Van deze bepaling kan niet worden afgeweken.

    3 Geschillen tussen de echtgenoten betreffende de opgave worden op verzoek van een van hen door de rechtbank beslist.

 

Artikel 139

    1 Een echtgenoot kan de opheffing van de wederzijdse verplichting tot verrekening verzoeken, wanneer de andere echtgenoot op lichtvaardige wijze schulden maakt, zijn goederen verspilt of weigert de in artikel 138, tweede lid, bedoelde verplichte opgave omtrent zijn te verrekenen inkomsten of vermogen te verstrekken.

 

    2 Indien de echtgenoot tegen wie het verzoek zich richt, het te verrekenen vermogen benadeelt doordat hij na de aanvang van het geding of binnen zes maanden daarvoor lichtvaardig schulden heeft gemaakt, te verrekenen goederen heeft verspild, of een rechtshandeling als bedoeld in artikel 88 zonder de vereiste toestemming of beslissing van de rechtbank heeft verricht, is hij gehouden de aangerichte schade te vergoeden.

    3 Van het eerste en tweede lid kan niet worden afgeweken.

 

Artikel 140

    1 Op verzoek van de verrekenplichtige echtgenoot kan de rechter wegens gewichtige redenen bepalen dat een verschuldigde geldsom, al dan niet vermeerderd met een in de beschikking te bepalen rente, in termijnen of eerst na verloop van zekere tijd, hetzij ineens, hetzij in termijnen behoeft te worden voldaan. Hierbij let de rechter op de belangen van beide partijen. De rechter kan de verrekenplichtige echtgenoot verplichten binnen een bepaalde tijd zakelijke of persoonlijke zekerheid te stellen voor de voldoening van de verschuldigde geldsom.

    2 Hetgeen in het eerste lid omtrent een echtgenoot is bepaald, geldt op overeenkomstige wijze na zijn overlijden voor zijn rechtverkrijgenden onder algemene titel.

    3 Van het eerste en tweede lid kan niet worden afgeweken.

 

Paragraaf 2. Periodieke verrekenbedingen

Artikel 141

 

    1 Indien een verrekenplicht betrekking heeft op een in de huwelijkse voorwaarden omschreven tijdvak van het huwelijk en over dat tijdvak niet is afgerekend, blijft de verplichting tot verrekening over dat tijdvak in stand en strekt deze zich uit over het saldo, ontstaan door belegging en herbelegging van hetgeen niet verrekend is, alsmede over de vruchten daarvan.

e.v.

    4 Indien een echtgenoot in overwegende mate bij machte is te bepalen dat de winsten van een niet op zijn eigen naam uitgeoefende onderneming hem rechtstreeks of middellijk ten goede komen, en een verrekenbeding is overeengekomen dat ook ondernemingswinsten omvat, worden de niet uitgekeerde winsten uit zodanige onderneming, voor zover in het maatschappelijk verkeer als redelijk beschouwd, eveneens in aanmerking genomen bij de vaststelling van de verrekenplicht van die echtgenoot, onverminderd het eerste lid.

    5 Het vierde lid is van overeenkomstige toepassing, indien een echtgenoot op eigen naam een onderneming uitoefent.

    6 De rechtsvordering tot verrekening, bedoeld in het eerste lid, verjaart niet eerder dan drie jaren na de beëindiging van het huwelijk dan wel na de inschrijving van de beschikking tot scheiding van tafel en bed in het register, bedoeld in artikel 116. Deze termijn kan niet worden verkort.

 

Paragraaf 3. Finale verrekenbedingen

Artikel 142 e.v.

Art 1393 De echtgenoten kunnen in algemene zin verklaren te willen trouwen volgens één van de door dit boek voorziene huwelijksvermogensstelsels.

Als er geen speciale bepalingen zijn opgenomen die afwijken van het stelsel van gemeenschap van goederen, of bepalingen die dit stelsel wijzigen, is het eerste deel van hoofdstuk II het gemene Franse recht (le droit commun).

Art 1394 Huwelijkse voorwaarden worden opgesteld in een akte ten overstaan van een notaris in aanwezigheid van en met gelijktijdige instemming van alle partijen of hun gemachtigden.

Op het moment van het tekenen van het contract, verstrekt de notaris een gratis certificaat op ongezegeld papier aan de partijen, met vermelding van zijn naam en woonplaats, de namen, voornamen, functies en woonplaats van de toekomstige echtgenoten, en de datum van het contract. Op het certificaat staat vermeldt dat het aan de ambtenaar van de burgerlijke stand dient te worden overhandigd, voordat het huwelijk voltrokken wordt. 

Als de huwelijksakte vermeldt dat er geen contract is opgesteld, worden de echtgenoten geacht ten aanzien van derden gehuwd te zijn volgens het stelsel van gemeenschap van goederen, behalve als in overeenkomsten opgesteld met deze derden, is verklaard dat er huwelijkse voorwaarden zijn aangegaan.

Art 1395 Huwelijkse voorwaarden dienen voor de huwelijksvoltrekking te zijn aangegaan en beginnen te werken vanaf het tijdstip van de voltrekking van het huwelijk.

Art 1396 Als er wijzigingen worden aangebracht in de huwelijkse voorwaarden voordat het huwelijk voltrokken wordt, dienen deze wijzigingen in dezelfde vorm als de huwelijkse voorwaarden te worden aangegaan. Geen enkele wijziging of tegen brief is rechtsgeldig zonder de gelijktijdige aanwezigheid en instemming van alle personen die partij zijn in de overeenkomst of hun gemachtigden.

Wijzigingen of tegen brieven, zelfs in de vorm vereist in de vorige alinea, kunnen niet aan derden worden tegengeworpen als zij niet zijn aangegaan als vervolg op de minuut van het huwelijkscontract; en de notaris kan geen grosse of expédition van het huwelijkscontract afgeven zonder de wijzigingen of tegen brieven als vervolg op de acte te hebben opgesteld.

 

Nadat het huwelijk is gesloten, kunnen er geen wijzigingen meer worden aangebracht in het huwelijkscontract, behalve door een vonnis uitgesproken op verzoek van één van de echtgenoten in geval van scheiding van goederen of andere justitiële beschermingsmaatregelen of middels een notariële acte, die eventueel gehomologeerd kan worden door de rechtbank.

 

Art 1397 (ord 10 fevr 2016) Na twee jaar toepassing van het gekozen huwelijksvermogensstelsel, kunnen de echtgenoten in het belang van het gezin besluiten het huwelijksvermogensstelsel te wijzigen of een heel ander stelsel kiezen, door middel van een notariële akte. De akte vermeldt op straffe van nietigheid zo nodig de vereffening van het gewijzigde stelsel

De personen die partij waren bij het gewijzigde contract en de meerderjarige kinderen van iedere echtgenoot worden persoonlijk verwittigd. Ieder kan bezwaar maken tegen deze wijziging binnen een termijn van drie maanden.

Schuldeisers worden geïnformeerd over de wijziging door publicatie van een notificatie in een krant waarin mededelingen van juridische aard verschijnen in het arrondissement of departement waar de echtgenoten hun woonplaats hebben. Zij kunnen bezwaar maken binnen een termijn van drie maanden na de publicatie, e.v. .

Als één van de echtgenoten onder curatele of tutelle staat, dient de voogdijrechter of de familieraad toestemming te geven.

De wijziging wordt vermeld op de minuut van de huwelijksakte.

 

 

 

Art 1397-4 als de rechtskeuze tijdens het huwelijk wordt gemaakt, begint deze te werken tussen de partijen op het tijdstip waarop de akte wordt aangegaan, en voor derden drie maanden nadat de openbaarmakingsformaliteiten voorgeschreven in artikel 1397-3 zijn afgewikkeld.

Als deze formaliteiten niet gerespecteerd zijn, kan de rechtskeuze aan derden tegengeworpen worden als de echtgenoten in met hen aangegane overeenkomsten deze rechtskeuze vermelden.

Het Haags Verdrag van 1978 dat boven de nationale wet staat, staat toe dat de rechtskeuze retroactief toegepast wordt. Het is dus aan te raden bij het maken van de rechtskeuze te vermelden of deze begint te werken vanaf de datum van de akte of retroactief zal zijn.

 Art 1397-5 Als er een wijziging van huwelijksvermogensstelsel plaats vindt door toepassing van een ander recht op de gevolgen van het huwelijk, maken de echtgenoten deze wijziging openbaar op de wijze voorzien door de Code de procedure civile.

Art 1397-6 de wijziging van het huwelijksvermogensstelsel begint te werken tussen de partijen op het tijdstip voorzien door het vonnis of de akte en voor derden drie maanden nadat de openbaarmakingsformaliteiten voorgeschreven in artikel 1397-5 zijn afgewikkeld.

Als deze formaliteiten niet gerespecteerd zijn, kan de rechtskeuze aan derden tegengeworpen worden als de echtgenoten in met hen aangegane overeenkomsten deze rechtskeuze vermelden.

 

De franse Code civil bevat de volgende afwijkende huwelijksvermogenstelsels:

-          De contractuele gemeenschap van goederen

-          Het stelsel van scheiding van goederen

-          Het stelsel “participation aux acquets”

 

 

🔝